Raum

In situ installation in relation to a poem by Cesare Pavese. A horizontal cut in a beach cabin, two thrilling fleeces to cover the insides. A voice.

IL VOCE 

Ogni giorno il silenzio della camera sola
si richiude sul lieve sciacquío d'ogni gesto
come l'aria. Ogni giorno la breve finestra
s'apre immobile all'aria che tace. La voce
rauca e dolce non torna nel fresco silenzio.

S'apre come il respiro di chi sia per parlare
l'aria immobile, e tace. Ogni giorno è la stessa.
E la voce è la stessa, che non rompe il silenzio,
rauca e uguale per sempre nell'immobilità
del ricordo. La chiara finestra accompagna 
col suo palpito breve la calma d'allora.

Ogni gesto percuote la calma d'allora.
Se suonasse la voce, tornerebbe il dolore.
Tornerebbero i gesti nell'aria stupita
e parole parole alla voce sommessa.
Se suonasse la voce anche il palpito breve
del silenzio che dura, si farebbe dolore.

Tornerebbero i gesti del vano dolore,
percuotendo le cose nel rombo del tempo.
Ma la voce non torna, e il susurro remoto
non increspa il ricordo. L'immobile luce
dà il suo palpito fresco. Per sempre il silenzio
tace rauco e sommesso nel ricordo d'allora.

— Cesare Pavese

DE STEM

Elke dag sluit de stilte van de eenzame kamer
zich weer over het lichte kabbelen van elk gebaar
als de lucht. Elke dag opent het lage raam
zich roerloos voor de lucht die zwijgt. De hese
en zachte stem komt niet terug in de koele stilte.

De roerloze lucht opent zich als de adem van wie lijkt
te willen praten, en zwijgt. Elke dag is dezelfde. 
En de stem is dezelfde, die de stilte niet verbreekt,
hees en voor altijd gelijk in de roerloosheid
van de herinnering. Het heldere raam begeleidt 
met zijn korte trilling de kalmte van toen.

Ieder gebaar verstoort de kalmte van toen.
Als de stem zou klinken kwam de pijn terug.
Kwamen de gebaren terug in de verbaasde lucht
en woorden woorden voor de bedeesde stem.
Als de stem zou klinken, zou ook de korte
trilling van de stilte die duurt pijn doen.
 

Kwamen de gebaren terug van de zinloze pijn,
ze zouden de dingen verstoren in het dreunen van de tijd.
Maar de stem komt niet terug en het verre gefluister
rimpelt niet de herinnering. Het roerloze licht 
geeft zijn koele trilling af. Voor altijd zwijgt de stilte
hees en bedeesd in de herinnering aan toen.

 - Cesare Pavese

 

on view

Watou 2010: Verzamelde verhalen

03.07.2010 - 05.09.2010
Watou

  • Raum

  • Raum

  • Raum

  • Raum